Postbus 53,
3850 AB Ermelo
Rek. nr.: 39.77.78.481 (Rabobank Ermelo)
info@molendekoe.nl
Webdesign:OrangeTalent
Een molenaar heeft ook verstand van schuddebakken en meelmeenemers
Door Nelleke van der Plas
Het gesprek met de kersvers gediplomeerde molenaar Henk Geitenbeek gaat over een mailtje van molensteenmakerij Hans Titulaer uit Plasmolen. Hij is op 11 juni 2011 bij onze molen geweest om een gesprongen band van de molensteen opnieuw te lassen en er weer om te leggen. In de tekst komen meer zaken aan de orde, die voor een gewoon mens niet te begrijpen zijn. Het gaat over de aangroei van stenen, ontbrekende meelmeenemers en zwabberende schuddebakken. Mooie woorden, maar ik begrijp er niets van. Een goed moment om in te gaan op de technische vakkennis die molenaar Henk ook moet hebben, naast verstand van het weer en het kunnen draaien met de molen.
‘Kijk’, zegt Henk, ‘je hebt twee molenstenen. Een ligger, die ligt stil. De bovenkant van de ligger heeft uitgekapte groeven, dat noemen we scherpsel. Het is in een waaierpatroon gemaakt. De bovenste steen is de loper, daar zit het scherpsel aan de onderkant. De loper draait over de ligger en daartussen wordt het graan fijngemalen. Bij kunstmolenstenen is het scherpsel gemaakt van harde steen, dat wordt gegoten. Daarbovenop wordt een laag beton gestort, dat het gewicht aan de steen geeft. Bij het gieten van het beton gebruikt men een mal. Deze mal wordt meerdere keren gebruikt waardoor de mal door het gewicht van het beton iets gaat wijken. Hierdoor is de steen aan de bovenkant iets groter geworden. Dat noemt men het groeien van de steen’.
Maar hoe zit dat nu met die geknapte band? Henk legt uit: ‘een ijzeren band om de steen zorgt ervoor dat de steen bijeen blijft als die door het draaien uit elkaar zou spatten. De ijzeren band wordt op maat gemaakt.

Omdat deze steen aan de bovenkant iets te groot is, is de band tijdens het draaien geknapt. Er is een nieuw stukje tussen de band gezet en de band is opnieuw aan elkaar gelast. We hebben met elkaar de band weer om de steen gelegd, want daar leer je weer van’.
Meelmeenemers zorgen voor vers meel
Tijd om naar boven te gaan om te kijken waar de meelmeenemers voor dienen. Afgaand op het woord lijkt het erop dat die meel moeten meenemen. Maar waar naartoe is me nog een raadsel. Henk legt het uit, terwijl zijn vrouw Ela foto’s maakt.
‘Dit is de houten kuip’ wijst Henk, ‘daar liggen de twee molenstenen in. Het graan valt via het kropgat tussen de stenen. Het graan wordt gemalen tot meel en tegen de kuipwand aan geslingerd. Het meel valt in de ruimte tussen de kuip en de stenen, dat noemt men de kuipring. Daar wordt het meel opgevangen en afgevoerd. Door de snelheid van de loper, 90 omwentelingen per minuut, wordt het meel deels meegezogen en valt het via een opening in de kuipring naar beneden in de meelpijp, waaronder het in een zak wordt opgevangen’.
‘Meelmeenemers zijn leren riempjes die aan de buitenzijde van de loper zijn bevestigd. Tijdens het malen draaien deze meenemers over de kuipring, ze nemen het meel mee naar de eerder genoemde opening. Zonder meenemers blijft er meer meel achter. Zou je de kuip ook niet schoonmaken, dan blijft dat oude meel liggen.’
Ik begrijp dat je dat oude meel niet in de zakjes in de winkel wilt hebben staan. Er gaat me een licht op. Zijn die meelmeenemers een soort vegertjes? Ik test het uit met mijn hand. ‘Dat klopt’, zegt Henk, ‘ze vegen langs de stenen het meel mee naar de opening. Daardoor blijft er maar een klein beetje meel in de kuip achter. Zo hoef je minder vaak de kuip schoon te maken en blijft je gemalen meel zo vers en zo hygiënisch mogelijk’.
Kettinkjes voorkomen gezwabber
Er blijft nog een raadsel over, dat van de schuddebakken. ‘Een schuddebak schud het graan uit het voorraadvat in het kropgat, waardoor het tussen de stenen valt,’ laat Henk zien. ‘De bak schudt heen en weer, maar ook nog een beetje op en neer, waardoor het graan niet mooi regelmatig tussen de stenen valt. Door kettinkjes aan te brengen kunnen we dat reguleren en dat heeft weer een beter gemalen meel tot resultaat.’

Diep onder de indruk klim ik weer naar beneden en neem ik afscheid van Henk en Ela. Het is en blijft een boeiend vak, vol techniek.
November 2011

